Open brief aan Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden.

August 22nd, 2010

Loosdrecht 23 juli 2010.

Majesteit,

Reeds bij de eerste formatiebesprekingen wees de grote verliezer van de verkiezingen, het CDA, bij monde van de fractievoorzitter Maxim Verhagen deelname af aan overleg om te komen tot een rechtse regering. In eerste instantie verwonderlijk maar bij nader onderzoek zéér verklaarbaar.

De grote belemmering voor Verhagen om hieraan mee te werken wordt met grote waarschijnlijkheid gevormd door de linker CDA-vleugel, die zijn buitenparlementaire belangen en activiteiten in gevaar ziet komen door de aangekondigde bezuinigingsvoornemens van de VVD en PVV. Belangen en activiteiten die de Nederlandse Staat alleen al in 2009 miljarden euro’s hebben gekost, om nog maar te zwijgen over de maatschappelijke en lastenverzwarende gevolgen voor onze samenleving.

Activiteiten die voornamelijk plaatsvinden onder de thema’s ontwikkelingshulp, milieu, klimaat en vluchtelingenhulp. Activiteiten die in nauwe samenwerking plaatsvinden met de linkse politieke elite en haar buitenparlementaire netwerken. Activiteiten die Nederland in de loop der jaren hebben opgezadeld met een enorme vaste en welhaast onomkeerbare kostenpost en die in belangrijke mate debet zijn aan de staatsschuld waarmee Nederland is opgezadeld (tot 2009 meer dan 347 miljard Euro en in 2010 oploopt met 100 miljoen euro per dag).

Gezien het voorgaande is het dan ook niet vreemd dat de diverse formatiepogingen tot nu toe gestrand zijn op de wijze waarop de Staatsschuld moet worden teruggebracht want bezuinigen is thans sleutelwoord. Alleen de wijze waarop moet worden bezuinigd is het grote struikelblok en dit veroorzaakt grote verdeeldheid tussen mogelijke coalitiepartners. De linkse politiek wil niet tornen aan de voornoemde thema’s en de VVD en de PVV willen dat juist wel. En ook de “linkse” angst voor deelname door de PVV in een nieuw Kabinet speelt een rol want ook deze politieke partij wil met name en bovenal drastisch bezuinigen op de thema’s die ons land onverantwoordelijk financieel belasten.

Nu U in mijn ogen voor de tweede maal de stap heeft gezet om een nieuwe (in)formateur aan te stellen die bij voorbaat zal trachten een rechts Kabinet te voorkomen lijkt het mij van eminent belang om U aan een aantal zaken te herinneren en een breed Nederlands publiek nader hierover voor te lichten. Want Uw nieuwe informateur, Ruud Lubbers is besmet, is gevangen in en door zijn eigen belangen en behoort niet alleen tot de linkervleugel van het CDA maar is ook diepgaand betrokken bij de thema’s die de linkse politieke elite onaangetast wil laten.

Als voormalig premier was Ruud Lubbers verantwoordelijk voor de miljarden euro’s die voor genoemde thema’s uit onze staatskas werden getrokken en mede door de gevolgen daarvan een belangrijk aandeel hebben gehad – en nog steeds hebben – in het oplopen van onze staatsschuld. Lubbers bekleedt sinds zijn aftreden als premier posities binnen Niet Gouvernementele Organisaties (NGO’s) die met miljoenen aan gemeenschapsgeld worden gesubsidieerd. De huidige formateur is bijvoorbeeld voorzitter van de Stichting voor Vluchteling Studenten (UAF) en kreeg deze organisatie alleen al in 2009 2.678.580 euro overheidsgeld. Hij is ook betrokken bij de Nationale Commissie voor internationale samenwerking en Duurzame Ontwikkeling (NCDO) die over de periode 2007-2010 128,4 miljoen euro overheidsgeld mag incasseren. In samenwerking met de NCDO heeft Lubbers het initiatief genomen tot de oprichting van ‘Worldconnecters’ een organisatie waarvan hij tevens voorzitter is. ‘Worldconnecters’ houdt zich onder meer bezig met de thema’s klimaat, verbinding van culturen, mondiale machtsverschuivingen en Europa in de wereld.

En zo zitten er binnen de linker CDA-vleugel meerdere personen wiens boordje gaat knellen bij de gedachten aan een rechtse regering.

Neem een van Lubbers belangrijkste ‘peetvaders’ en collega’s Jos van Gennip. De man die in de media meestal neergezet wordt als de partij-ideoloog van het CDA en de uitbreiding van de linkervleugel in belangrijke mate tot stand heeft gebracht. Hij wist een groot aantal CDA prominenten hiervoor te winnen. De in de aanhef genoemde thema’s staan al jarenlang hoog op zijn politieke agenda. Niet de nationale thema’s maar de internationale gebeurtenissen, het internationalisme, moeten volgens Van Gennip de politieke agenda bepalen. Zijn dubbele petten zijn veelvoudig en vormen een lichtend voorbeeld voor de verstrengeling tussen politiek en de miljardenverslindende buitenparlementaire actiewereld. Een kleine greep uit zijn talrijke activiteiten:

Van 1967 tot 1976 was Van Gennip directeur van het Centraal Missie Commissariaat (CMC). Een organisatie die aan de wieg stond van linkse christenen binnen de kerken en belast was met de belangenbehartiging van 8.000 Nederlandse missionarissen. Missionarissen die de marxistische bevrijdingstheologie omarmden en bloedige revoluties steunden in de Derde Wereld. Missionarissen die de andere kant opkeken wanneer hun ‘cliënten’ op afschuwelijke wijze de rechten van mens schonden of van ontwikkelingsgeld wapens kochten. Zo steunde een van hen, Jan Schrama, vergaand het verzet in de Filippijnen en behoorde hij tevens tot de adviesraad van de katholieke ontwikkelingshulporganisatie Cebemo.

Lubbers was een regelmatige gast en spreker tijdens bijeenkomsten die door Cebemo werden georganiseerd. Sinds de oprichting van beide organisaties zijn er enorme bedragen aan gemeenschapsgeld naar toe gevloeid. Intussen is naam van CMC veranderd in ‘Mensen met een Missie’ (subsidies van overheden en anderen in 2009 €4.466.872) en de naam van Cebemo is veranderd in Cordaid (overheidssubsidie over de periode 2007 – 2010 421.830.126 euro).

Deze organisaties zijn ontstaan rond 1967. De behoefte aan gemeenschapsgeld werd steeds groter en om meer subsidies binnen te halen en hun netwerk uit te breiden begon men stap voor stap met het oprichten van nieuwe organisaties. Zo stond Van Gennip in 1968 aan de wieg van de nationale commissie Justitia et Pax. Nederland behoorde daarmee tot de eerste landen die een eigen commissie oprichtten, nadat een jaar eerder in Rome de internationale commissie aan de slag was gegaan. Justitia et Pax wordt momenteel ondermeer gesubsidieerd door Mensen met een Missie, Solidaridad, religieuze instituten, het Ministerie van Buitenlandse zaken en de Mede Financierings Organisatie (MFO)Cordaid.

Ook in Cordaid heeft Van Gennip zijn sporen nagelaten. In navolging van de MFO(S) NOVIB (momenteel de Stichting Oxfam Novib en over de periode 2007 – 2010 gesubsidieerd met 509 miljoen euro), die in 1956 werd opgericht door zijn christelijke geloofsgenoot Pater Simon Jelsma, stond Van Gennip in 1965 – vanuit het CMC – aan het wiegetouw van het Katholieke Cebemo. Een jaar daarvoor, in 1964, werd de protestantse ICCO opgericht. Ook daar is linkervleugel van het CDA rijkelijk vertegenwoordigd. CMC en Cebemo bleven nauw met elkaar verbonden. Als directeur van Cebemo gaf Van Gennip in 1973 aan zijn strijdmakker Jan Pronk, de toenmalige PvdA-minister van Ontwikkelingssamenwerking, advies over de wijze waarop ze geld naar het verzet in Chili konden sluizen.

Later volgde een wederdienst en werd Van Gennip door Pronk aangesteld om berichten over misbruik van ontwikkelingshulp door het gewapende verzet in de Filippijnen te onderzoeken. Gezien zijn jarenlange ondersteuning van dit verzet laat het resultaat van zijn onderzoek zich bij voorbaat raden. Van Gennip bleef algemeen Cebemo-directeur tot 1984 (momenteel is Cebemo opgegaan in Cordaid). Wetenswaardig is ook nog dat de dochter van Van Gennip, CDA-politica Karien van Gennip momenteel in de Raad van Toezicht van Cordaid zit en daar vergezeld wordt door de CDA-prominenten Gerrit. H.O. van Maanen en Arie M. Oostlander.

In 1984 werd Van Gennip als een kat op het spek gebonden. Hij verliet Cebemo om tot 1990 te gaan werken als plaatsvervangend directeur-generaal Internationale Samenwerking bij ministerie van Buitenlandse Zaken en werd belast met bilaterale Nederlandse Ontwikkelingshulp. Mede door zijn bemoeienis en samenwerking met Jan Pronk raakten de relaties van het ministerie en zijn ambtenaren met de NGO’s innig verstrengeld. In 1986 werd Van Gennep tevens lid van de Raad van Toezicht bij de Rabobank in Den Haag. Zijn partijgenoot Herman Wijffels was lid van de directie Rabobank Nederland en sleutelde als informateur in 2006 een Kabinet CDA, PvdA en ChristenUnie in elkaar. Wijfels loodste de Rabobank voor ontwikkelingshulp binnen (in 2009 ruim 14,7 miljoen euro). Ter gelegenheid van zijn afscheid werd het Herman Wijfels Fonds opgericht.

Na zijn werkzaamheden bij het ministerie van Buitenlands Zaken werd Van Gennip van 1991 tot 1999 directeur van het Wetenschappelijk Instituut van het CDA. En ook hier opereerde hij onder dubbele pet. Vanaf juni 1997 werd hij voorzitter Society International Development (SID) Nederland en een maand later tot 16 januari 2008, vicepresident van SID International. Als voorzitter van de SID benadrukt Van Gennip dat deze organisatie ‘één van de drijvende krachten’ is in de promotie van alternatieve zienswijzen en acties met betrekking tot ontwikkelingssamenwerking en een unieke rol speelt ‘in het overbruggen van de kloof tussen beleidsmakers en activisten aan de basis’. Momenteel heeft SID bijna 6000 leden in 115 landen en werkt het internationaal nauw samen met gelijkgezinde organisaties en netwerken van onder meer parlementariërs en studenten. SID wordt mede ondersteunt door het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hoe SID aan deze ondersteuning komt is inmiddels duidelijk.

Vanaf mei 2004 is Van Gennip voorzitter van de Nationale Commissie voor Internationale Samenwerking en Duurzame Ontwikkeling (NCDO). Voor de periode 2007-2010 ontving de NCDO een subsidie van 128,4 miljoen euro. Tijdens de periode vanaf 2004 tot 2007 was hij tevens lid van de Eerste Kamer. Ook hier hield hij zich bezig met ontwikkelingssamenwerking en was hij de woordvoerder Ontwikkelingssamenwerking en Buitenlandse Zaken van de CDA Eerste-Kamerfractie. Wetenswaardig is dat hij ook bestuurslid is van de het Netherlands Institute for Multiparty Democracy (NIMD) waarvan zijn CDA-collega Bernard Bot voorzitter is. NIMD ontving in 2008 bijna 10 miljoen euro van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Zijn CDA-collega Sophie van Bijsterveld is lid van de Eerste Kamer en ook zij draagt een dubbele pet en is lid van de ledenraad van PaxChristi, een organisatie die over de periode 2007-2010 ruim 15 miljoen euro overheidsgeld ontvangt.

In zijn rol als NCDO-voorzitter subsidieerde Van Gennep de SID (2004 €75.000, 2005 €75.000, 2006 €241.612, 2007 €211.120). En daar bleef het niet bij. Ook andere organisaties waarin hij bestuurlijk actief is verzorgde hij rijkelijk met NCDO-subsidies waaronder de Eduardo Frei Stichting (2004 €100.000, 2007 €90.000). Als voorzitter van het NCDO is hij ook actief binnen de Knowledge and Advisory Centres http://www.worldconnectors.nl/index.php?id=45&c=10 waaraan onder meer zijn CDA-collega Doekle Terpstra en de zeer omstreden moslimfilosoof Tariq Ramadan deelnemen.

Van Gennip is ook een groot voorstander van Gemeentelijke Samenwerking met Ontwikkelingslanden en zit daarvoor in de adviescommissie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Een organisatie die in dit kader mede verantwoordelijk is voor de enorme bedragen die via gemeenten naar het buitenland vloeien en nauw samenwerkt met en mede gesubsidieerd wordt door het NCDO (meer dan 300.000 euro in 2009) http://www.vng.nl/smartsite.dws?id=35434.

En dan hebben we ook nog het vice-voorzitterschap van Van Gennip bij Vluchtelingenwerk Nederland. De organisatie die niet alleen al jarenlang het indammen van de enorme asielzoekerstroom naar ons land saboteert, maar door haar activiteiten ook een aanzuigende werking heeft. Zo is Vluchtelingenwerk Nederland ondermeer verantwoordelijk voor het tot stand komen van het Generaal Pardon. Een pardon dat in gang werd gezet door een machtige lobby onder de naam ‘26.000 gezichten’. In deze lobby liep Van Gennip hand in hand met de zojuist door U aangestelde informateur Ruud Lubbers en Doekle Terpstra, de voorzitter van de HBO-raad en ICCO.

ICCO is een Interkerkelijke organisatie, opgericht in 1964 en houdt zich ook bezig met ontwikkelingssamenwerking. Voor de periode 2007-2010 ontving ICCO 525.000.000 euro aan overheidsgeld. De organisatie was nauw betrokken bij het Filippijnse verzet en onderdeel van het laakbare onderzoek dat Van Gennip in opdracht van Jan Pronk uitvoerde. In een reactie lieten zij in De Volkskrant van 5 juni 1990 weten: “Steun aan gewapend verzet blijft voor ICCO mogelijk.”

De voorganger van Doekle Terpstra bij ICCO was het prominente CDA-lid Tineke Lodders. Zij was de voorzitter over de periode januari 1996 tot 1 januari 2006. Zij is tevens voorzitter van de Raad van toezicht Samenwerkende Hulp Organisaties en zit sinds september 2007 ook in het bestuur van de NCDO. Lodders is ook voorzitter van het Landelijk Beraad Stedenbanden Nederland-Nicaragua dat over de periode 2007-2010 €2.000.000 aan subsidies mag incasseren. Als lid van de CDA-fractie in de Eerste Kamer hield zij zich vooral bezig met ontwikkelingssamenwerking, ruimtelijke ordening en milieubeheer en sociale zaken.

Ook andere CDA’ers zijn in dit verband zeer noemenswaard:

Gerrit Terpstra en Pieter Kooijmans, beiden onder meer lid van de Raad van Toezicht van de Stichting Vluchteling die voor de periode 2007-2010 6.419.725 euro subsidie ontvangt.

Jan Schinkelshoek, de voormalige campagne-woordvoerder van lijsttrekker Lubbers in 1986 en 1989. Schinkelhoek is lid van het bestuur van de Nederlandse stichting ‘Press Now’, die voor de periode 2007-2010 9.966.144 euro aan subsidie ontvangt.

En dan noem ik nog het recentelijk opgerichte ‘Rights Forum’, dat zich met het conflict tussen Israel en de Palestijnen bezighoud. Een forum waaraan de CDA’ers Dries van Agt, Hans van den Broek, Frans Andriessen, Pieter Kooijmans, Tinneke Lodders, Doekle Terpstra en Bert de Vries deelnemen. Een forum waarvan de subsidies nog niet bekend zijn, maar met grote waarschijnlijkheid uit de eerdere beschreven subsidiekanalen komen.

Tja en zo kan ik nog wel een tiental pagina’s vullen met vergelijkbare belangenverstrengelingen die onderhandelingen over een rechts Kabinet zo goed als onmogelijk maken.

Ik sluit deze brief af aan U met het interessante gegeven dat uw zoon Constatijn voorzitter is bij de Stichting The Hague Process on Refugees and Migration. Een stichting waar zowel Jos van Gennip als de door u aangestelde nieuwe informateur via de afdeling ‘Club of the Hague’ lid van zijn, een stichting die nauw samenwerkt met SID en subsidie ontvangt van ondermeer de ministeries van Justitie en Buitenlandse Zaken, de gemeente Den Haag, Vluchtelingenwerk, ICCO, Novib en de NCDO.

Hoogachtend,

Peter Siebelt

Kopie aan:

De Fractievoorzitters

Maxim Verhagen CDA m.verhagen@tweedekamer.nl

Mark Rutte VVD m.rutte@tweedekamer.nl

Geert Wilders PVV g.wilders@tweedekamer.nl

Emile Roemer SP e.roemer@tweedekamer.nl

en aan de (in)formateur Ruud Lubbers via info@uaf.nl Read the rest of this entry »

VERNIETIG DE GANGBARE ECONOMIE. LANG LEVE DE GESUBSIDIEERDE INDUSTRIE.

January 14th, 2008

Ja hoor, amper is door de dierenactivisten met veel dreiging een 60 miljoen euro kostende project (goed voor 400 banen) gestopt of ze storten zich alweer met volle vaart op een ander doelwit: de pelsdierhouderij. De stratenmakers doen al geruime tijd het vuile werk en nu passen hun politieke kompanen de wurggreep toe.

Vandaag, 14 januari 2008, hebben de Tweede Kamerleden Krista van Velzen (SP) en Harm-Evert Waalkens (PvdA) samen een initiatiefwet ingediend voor een verbod op de pelsdierhouderij in Nederland. De SP en de PvdA willen dat de sector uiterlijk in 2018 zijn deuren sluit.

Van Velzen en Waalkens, wie zijn deze industrievernietigende politici, deze Haagse activisten die dik betaald worden en hun eigen ‘boterham’ weten te spekken met het geld van de belastingbetaler?

Van Velzen laten ik vandaag nog even in de wachtkamer, zij komt later aan de beurt, eerst richt ik mijn schijnwerper op Waalkens en gebruik een fragment uit mijn boek Sinistra dat in eind 2006 verscheen.

EEN GRAANTJE MEEPIKKEN

Boer Harm-Evert en zijn vrouw Reina zijn eigenaar van een biologisch melk- en vleesveebedrijf (boerderij met 30 hectare grasland) in het beruchte dorp Finsterwolde. Het dorp ligt midden in het Oost-Groningse platteland, niet ver van de Dollart. In de periode 1900-1989 zwaaiden de toenmalige communisten langdurig de scepter en haalde Finsterwolde de wereldpers onder de naam ‘Little Moscow’. Ook de geboorteplaats van boer Harm, het 8,5 kilometer verder gelegen Winschoten, behoorde tot het rode bolwerk.
Finsterwolde en Winschoten vormen een deel van Oost-Groningen waar van oudsher een opstand heerste van landarbeiders tegen de veel rijkere landeigenaren. Eén van hun meest bekende leiders was de beruchte communist Fre Meis. Deze communist in hart en nieren vereenzelvigde zich geheel met de Sovjetunie van de dictator en massamoordenaar Stalin.

In de periode waarin boer Harm geboren werd zat Meis namens de Communistische Partij Nederland (CPN) in de gemeenteraad Van Winschoten. Gezien de sfeer en omgeving waarin Harm opgroeide is het dan ook niet zo verwonderlijk dat hij tijdens zijn opleiding aan de middelbare landbouwschool stage liep in onder meer de voormalige Oostbloklanden en China. En ook zijn militaire dienstweigering past in deze traditie.

Begin jaren ‘90 werden de gemeenten Beerta, Finsterwolde en Nieuweschans in het kader van een gemeentelijke herindeling samengevoegd tot de gemeente Reiderland. De politieke afkeer van de voormalige landarbeiders tegen de vroegere herenboeren (het kapitalisme) is er nog altijd springlevend. De bewoners stemmen voor het merendeel op linkse partijen en op de plakborden voor verkiezingsaffiches vind men meestal alleen de affiches van de PvdA, GroenLinks, de SP en de Nieuwe Communistische Partij Nederland (NCPN).

Tegenwoordig is het dorp Finsterwolde een nogal slaperig plaatsje waar niet zoveel te beleven is. Een paar winkeltjes, een zwembad, een ijsbaan en de biologische boer Harm.
Hij en zijn vrouw hebben twee medewerkers in vaste dienst en ongeveer 100 vleeskoeien en 150 melkkoeien. De dieren worden niet maximaal bijgevoerd met krachtvoer. Harm: ‘Dat laatste heeft als gevolg dat koeien gemiddeld minder melk geven dan in een reguliere melkveehouderij.’

Volgens Harm is zijn boerenbedrijf geen vetpot en draait hij het ene jaar met verlies, het andere jaar met een kleine winst, en draait hij over het algemeen quitte. Maar gelukkig zijn er subsidies. Want zonder zou zijn bedrijf geen ruimte hebben voor noodzakelijke investeringen en ten dode zijn opgeschreven.

In 2004 ontving hij (zijn bedrijf) in totaal een kleine 50.000 euro subsidie en … het ziet er naar uit dat de biologische subsidiesluizen in de toekomst nog verder open zullen gaan. Boer Harm heeft vertrouwen in de toekomst. Hij ziet de biologische markt als een groeimarkt.

In april 2006 kwam Harm in opspraak. Nee, niet als boer. Al die tijd was hij namelijk ook Tweede Kamerlid van de PvdA en woordvoerder Landbouw.

Volgens berichten in de media had Harm-Evert Waalkens namelijk een ‘graantje teveel gepikt.’
‘In de media wordt het beeld geschetst dat ik onterecht informatie achterhoud over de inkomsten die ik krijg’, aldus Harm. Volgens Harm ontving hij geen salaris uit zijn boerenbedrijf, maar had hij te maken met ondernemingswinst of -verlies. Er vond een verrekening plaats van zijn vergoeding voor het Kamerwerk op basis van het belastbaar bedrag dat uit zijn winst- en verliesrekening volgt.

Als PvdA-woordvoerder in de Tweede-Kamer is Harm-Evert Waalkens één van de belangrijkste Haagse vaandeldragers voor de biologische landbouw, de milieubeweging en de boer in de Derde Wereld. (…) Hij wil behalve Nederlands belastinggeld ook meer Europese gelden om biologische boeren te steunen. Hij wil een hectaretoeslag en een vergoeding voor agrarisch natuurbeheer. In dit kader adviseerde hij minister Veerman om meer boeren in te zetten om de natuur te beheren.
Eigenbelang? In 2005 ontving boer Waalkens alleen al voor agrarisch natuurbeheer 4.589 euro.

Namens de PvdA vertolkt Waalkens een landbouwvisie die overeenkomt met oude communistische ideologieën overgoten met een nieuwe saus: een van overheidswege opgelegde biologische landbouw.

Op 26 juni 2005 was hij te gast bij het AVRO-programma Nachtdienst.
Zij beschreven hem als volgt: ‘Waalkens is een typisch product van de jaren zestig: een linkse pacifist die niet terugschrok voor protest, het doorbreken van de hiërarchie en af en toe het ondermijnen van het heersende gezag. Dat hij biologisch boert, kunnen de traditionele collega-boeren nog wel volgen. Dat hij PvdA’er is, vinden ze vreemder. De meeste boeren voelen zich meer verwant met het CDA.’

‘Ze vinden het heel raar dat ik zo’n linkse rakker ben. (…)’, aldus Waalkens. En … hij is zeker geen gematigde socialist. ‘Want ik ben in de partij links binnengevlogen, hoor’, aldus het biologische Kamerlid.

Net als de oude Sovjets wil Waalkens een sterk door de overheid geregisseerd beleid waarin de werkwijze van de gangbare agrariër aan banden wordt gelegd en dat boeren die zijn ideologie volgen rijkelijk worden beloont.

Waalkens hanteert een meersporenbeleid voor het behalen van zijn doelen. Daar waar hij de subsidieregels voor de biologisch landbouw zoveel mogelijk wil bevorderen wil hij afschaffing van subsidies voor de gangbare landbouw.

Zo lanceerde hij in de laatste maanden van 2005 een offensief en pleitte tijdens de begrotingsbehandeling van het ministerie van LNV voor afbouw van de eerste peiler van het Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB). Deze pijler bestaat uit de directe inkomenstoeslagen, marktmaatregelen, exportrestituties en overige regelingen.
Volgens Waalkens zijn een aantal van die regelingen protectionistisch en werken ze handelsverstorend voor ontwikkelingslanden.

De landbouwpolitiek moet worden hervormd, al was het maar om de boeren in de ontwikkelingslanden kansen te geven. Maar deze uitgangspunten gelden niet voor de biologische landbouw. Die verdedigt hij al enkele jaren met ‘hand en tand’. Dat hebben enkele landbouwministers ‘aan den lijve’ mogen ervaren.

Toen de voormalige minister Brinkhorst de omschakelingssubsidies voor biologisch boeren wilde laten verdwijnen stond Waalkens op de barricaden. Hij eiste geen gedraal, ‘geld moest rollen’ en met extra geld moest worden bereikt dat ministens achtduizend bedrijven omschakelden naar biologische landbouw. Namens zijn partij deponeerde Waalkens een plan om het biologisch boeren fors te stimuleren.

Brinkhorst lag dwars. Hij voelde niets voor het PvdA-plan. Waalkens werd woedend. Hij verweet Brinkhorst dat hij sociale intelligentie miste, problemen voor zich uit schoof, geen regie kon of wilde uitvoeren over de broodnodige aanpassingen van de agrarische sectoren en de veranderingen op het platteland. En ook de opvolger van Brinkhorst, Cees Veerman moest het ontgelden.

Toen Veerman in september 2005 zijn visie op de toekomst van de Nederlandse agrarische sector presenteerde met de nota ‘Kiezen voor Landbouw’ schoot Waalkens uit zijn slof.

De visie van Veerman deugde niet volgens hem. Hij wekte de illusie dat de ondernemersgeest van de agrarische sector alle oplossingen boden en nam geen verantwoordelijkheid, niet voor boeren en niet voor het landschap. Volgens Waalkens waren milieu en biologische landbouw onderwerpen die je niet aan de markt kon overlaten: ‘omdat die markt geen geweten heeft en geen geheugen’.

Waalkens verwoordde het standpunt van zijn partij als volgt: ‘Dierwelzijn aan de sector overlaten is alsof je de slager zijn eigen vlees laat keuren.’

Veerman legde het socialistische geroeptoeter naast zich neer en hield zijn nota als leidraad voor de broodnodige veranderingen in de landbouw. Omdat Waalkens bij Veerman en zijn ministerie geen stap verder kwam lanceerde hij een revolutionair plan. Volgens hem had het ministerie van LNV geen toekomst. De taken van het departement konden wat de PvdA betrof beter ondergebracht worden bij de ministeries van Economische Zaken en VROM. Daarbij zou een bewindspersoon bij VROM verantwoordelijkheid moeten krijgen voor het landschap.

VROM, VROMMMM
Het voorstel van Waalkens is begrijpelijk omdat het merendeel van de topambtenaren van VROM DPN-trekjes vertonen en een andere visie hebben op de Nederlandse landbouw dan hun collega’s van het LNV. Voor, tijdens en na de eerder beschreven klimaatconferenties waren het de topambtenaren van VROM
die nauw samenwerkten met milieuorganisaties om de agenda’s zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen. Tevens staat de subsidiekraan van VROM al jarenlang wagenwijd open voor de activiteiten van het milieunetwerk.

Het ministerie van VROM heeft een aantal aantrekkelijke subsidiepotten waaronder de Subsidieregeling Gebiedsgericht Beleid (SGB).33 Het geld is beschikbaar om proefprojecten te laten doen naar biodiversiteit in de landbouw.
Provincies functioneren als tussenschakel en zijn de uitvoerders.
Daarnaast is er ook nog eens de VROM-afdeling SMOM (Subsidieregeling Maatschappelijke Organisaties en Milieu) die het milieunetwerk van subsidies voorziet.
Gedurende de jaren 2003-2005 was de subsidiestroom uit de SMOM-pot goed voor 26,7 miljoen euro. Voor het jaar 2006 is de begroting 4.9 miljoen euro.
Zowel de milieufederaties en haar partners, waaronder Natuur en Milieu en Milieudefensie, weten er miljoenen euro’s weg te slepen voor hun activiteiten.

Voordat we dit hoofdstuk afsluiten gaan we eerst nog even terug naar 26 oktober 2005, naar Den Haag. Toen kwamen de landbouwwoordvoerders van de politieke partijen in de Tweede Kamer bijeen om te discussiëren over de nota van Veerman. Tijdens deze bijeenkomst ging het boordje van Waalkens kraag even knellen.

Nadat hij het spreekgestoelte had beklommen en zijn wensen kenbaar maakte ontstond er een felle discussie tussen hem en enkele andere Tweede Kamerleden waaronder Joop Atsma van het CDA, Wien van den Brink van de LPF en de VVD-leden Janneke Snijder-Hazelhoff en Gert-Jan Oplaat. Om de lezer een beetje van de sfeer te laten proeven citeren we enkele fragmenten. Te beginnen op het moment dat Waalkens zijn betoog had afgesloten en de VVDer Oplaat reageerde.

Oplaat: ‘Nu wij deze vorm van agrarisch exhibitionisme kennen, wat hebben wij daar nu aan? (…) Wij weten nu (…) dat boer Waalkens in Finsterwolde bijna 40.000 euro opstrijkt. Wat moeten wij daar nu mee? Wat is dit nu voor onzin?’

Waalkens: ‘Daar waar wij spreken over openheid en transparantie – zoals blijkt uit de bijlage bij de begroting, komt er 1,2 mld. uit Brussel terug – mogen wij toch tenminste verwachten dat wij rekening en verantwoording waarom wij vragen tot achter de komma kunnen naspeuren? Dat heeft niets met exhibitionisme te maken. De heer Oplaat houdt een pleidooi om de black box maar mooi ver weg te stoppen met mooi veel geld erin en het zo te laten als het is. Niks ervan, mijnheer Oplaat! Wij willen openheid. Wij willen transparantie. Wij willen een eerlijk debat voeren over de belasting die je aan de ene kant krijgt opgelegd en aan de andere kant als burger weer gaat besteden. Wij zijn ervoor ingehuurd om dat te controleren. Ik vind het eigenlijk te gek voor woorden dat wij hierover een discussie moeten voeren.’

Oplaat: ‘Ik meen dat de VVD koploper is geweest in de aanpak van landbouwsubsidies. Dat heeft men ons vaak verweten. Je kunt dus niet zeggen dat wij het willen wegstoppen. Maar nu weten wij het dus. Wat dan nu? De heer Waalkens komt ook niet verder. Hij roept er schande van, zegt het niet te willen wegstoppen en bepleit transparantie. Wat nu? Wij komen geen stap verder!’

Waalkens: ‘(…) Er moeten scherpe keuzen worden gemaakt ten aanzien van de subsidies (…) De fractie van de heer Oplaat is net als de mijne van mening dat het budget moet worden verlaagd. (…) Ik pleit voor transparantie en openheid. Wij willen het controleren. Volgens mij is dat een van onze taken. (…) Wij maken een keuze voor de biologische landbouw. Het kabinet streeft naar 10 procent biologische landbouw. De biologische omzet stijgt, maar lang niet sterk genoeg. Het areaal biologische landbouw is de afgelopen twee jaar gedaald. De minister stelt ten aanzien van zijn ambitie van 10 procent in de begroting een bezuiniging van 4 miljoen voor. De minister kiest niet voor een hectaretoeslag voor de biologische boeren maar voor een tegemoetkoming in de kosten voor certificering. (…) Je zou een dubbelslag moeten maken door zowel de systematiek van een hectaretoeslag voor de biologische boeren te introduceren als hen een tegemoetkoming te geven in de certificeringskosten. (…)’

BIOLOGISCHE CERTIFICERING
Subsidie voor biologische certificering.
Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) vergoedt van 2006 tot 2011 de certificeringskosten van Skal, de organisatie die toezicht houdt op de biologische landbouw.
Alle biologische boeren, die aangesloten zijn bij Skal, komen in aanmerking voor deze jaarlijkse vergoeding. De certificering kost in 2006 650 euro en wordt volledig vergoed. Als een biologische boer zich voor het eerst aansluit bij Skal, worden ook (eenmalig) de aansluitkosten vergoed. De minister wil met deze subsidie de maatschappelijke waardering uitdrukken voor de bijdragen die biologische ondernemers leveren aan een goede kwaliteit van het milieu, dierenwelzijn en landelijk gebied. De biologische boeren die aangesloten zijn bij Skal ontvangen
vijf jaar lang de vergoeding. De voorwaarde is wel dat men aangesloten blijft bij Skal. Ook in 2007 krijgt een biologische boer, die zich dat jaar aangesloten heeft bij Skal een vergoeding van de certificeringskosten.

Oplaat: ‘Nu begrijp ik het helemaal niet meer. Wij hadden net een kleine discussie over de landbouwsubsidies. De heer Waalkens schermt met termen als transparantie en helderheid. Hij zegt dat het allemaal niet goed wordt geregeld. Maar hoor ik hem nu een pleidooi houden dat de biologische boer in de vorm van een hectaretoeslag nog extra geld gaat krijgen? Dezelfde boer in Finsterwolde die ik als voorbeeld gaf, gaat dan dus nog meer krijgen dan 46.000 euro?’

Waalkens: ‘(…) Namens mijn fractie houd ik een pleidooi voor het instellen van hectarepremies. Ik bepleit hectaretoeslagen die zijn verbonden aan tegenprestaties. (…) Het pleidooi van de heer Oplaat om de toeslagen te laten doorlopen op basis van historische referenties, doet ons verzeild raken in een moeras waarin je niet meer kunt uitleggen dat je tien jaar geleden ook ooit nog eens een keer tarwe of aardappelen hebt verbouwd.’

Oplaat: ‘Dit is geen antwoord op mijn vraag. Krijgt de biologische boer in Finsterwolde, die 40.000 euro per jaar opstrijkt, hierdoor meer? Ik verwacht een ja of nee.’

Waalkens: ‘Het gaat niet om die boer in Finsterwolde.’

Oplaat: ‘Daar gaat het wel om. De heer Waalkens zegt dat een en ander transparant moet zijn. Tezelfdertijd pleit hij ervoor dat die ene specifieke boer meer geld krijgt.’

Waalkens: ‘Ik houd dat pleidooi in alle openheid en namens mijn fractie. Wij stellen een hectaretoeslagregeling voor.’

Oplaat: ‘Als ik daarin mee moet gaan, wil ik wel weten wat de consequenties voor die boer zijn. Krijgt die biologische boer, die nu een bedrag van 40.000 euro per jaar ontvangt, dan meer dan hij nu krijgt?’

Waalkens: ‘Dat hangt af van het gebied waarin hij woont. (…)’

Oplaat: ‘De VVD-fractie steunt niet de ombouw van de certificeringondersteuning naar dit ondoorzichtige systeem van de heer Waalkens.’

Een graantje meepikken: De politiek wéét dat er iets aan de hand is, wéét van de dubbele petten maar niemand zegt dat deze belangenverstrengeling en de wantoestanden die daaruit voortkomen afgelopen moet zijn. (…)

DE POT VERWIJT DE KETEL DAT HIJ ZWART ZIET.
Op 3 augustus 2006 verschenen een aantal koppen in de media over minister Veerman van LNV. De Telegraaf: ‘Veerman liet zich naar huis in Frankrijk rijden.’ De Volkskrant: ‘Veerman overtrad regels voor gebruik dienstauto.’ NRC Handelsblad: ‘Veermans rittenadministratie.’

In De Telegraaf kwam Waalkens aan het woord, hij wilde opheldering van premier Balkenende: ‘Dit is absoluut slordig.’ Waalkens ‘rook bloed’. Hij wilde weten welke regels hiervoor golden en wat de consequenties waren als Veerman die had overtreden. Ook Waalkens’ PvdA-collega Staf Depla mengde zich in de media. In dagblad De Gooi- en Eemlander zei hij dat hij het ‘een beetje dom’ vond dat Veerman met zijn dienstauto naar Frankrijk was gereden. Hij wilde dat Veerman tekst en uitleg gaf en de ten onrechte gedeclareerde kosten terugbetaalde.

Bron: 2006 Sinistra. Politieke maffiosi op Haags, provinciaal en gemeentelijk niveau. Pagina: 109-118. Uitgeverij Aspekt.

POK: DE POT VERWIJT DE KETEL DAT HIJ ZWART ZIET.

January 6th, 2008

(update 9januari 2008)

In het kader van het halfjaarlijks Parlementair Overleg Koninkrijkrelaties (POK) brengt een Nederlandse delegatie van 2 tot 12 januari 2007 een bezoek aan de Antillen. Dit bezoek kreeg mede door het Tweede Kamerlid Hero Brinkman (PVV) bijzondere aandacht.

Op een nogal niet te verbloemen wijze noemde hij de Antillen een boevennest die op Marktplaats.nl te koop zou moeten worden aangeboden. De Antilliaanse politici noemde hij incompetent, corrupt en daagde ze uit voor een debat.

Op een nogal niet te verbloemen wijze noemde hij de Antillen een boevennest die op Marktplaats.nl te koop zou moeten worden aangeboden. De Antilliaanse politici noemde hij incompetent, corrupt en daagde ze uit voor een debat.
De andere Nederlandse delegatieleden houden zich op de vlakte maar hun Antilliaanse collega’s zijn woedend over de uitlatingen van Brinkman. Bijna alle Antilliaanse fractieleiders stuurden hem een brief waarin ze meedeelden dat hij niet welkom was op de Antillen. Ze wilden eerst zijn excuses voordat ze met hem aan tafel gingen zitten. Brinkman weigerde.
Veel Antillianen vroegen zich af of zijn houding gewoon in een door de Nederlandse parlementariërs in een achterkamer onderling afgesproken scenario pastte. Een onrealistische gedachte gezien het ‘cordon sanitair’ in de Tweede Kamer ten aanzien van de PVV. Maar … de overige politiek correcte Nederlandse delegatieleden zullen er tijdens de ‘onderhandelingen’ wel dankbaar gebruik van maken. Ze laten Brinkman de hete kooltjes uit het vuur laten halen zodat zij op politiek correcte wijze de zaak kunnen sussen.

Op maandag 7 januari 2008 zou de grote confrontatie op Curaçao plaatsvinden, dan moesten de parlementariërs met elkaar aan tafel.

Brinkmans houding tegenover de Antillen is waarschijnlijk ingegeven door zijn PVV-collega en Antillen-deskundige Teun van Dijck. Van Dijck kent de Antillen als zijn broekzak en staat er bekend als ‘Tony Saxophony’ http://photos1.blogger.com/photoInclude/blogger/5832/2094/1600/ajmzzb.jpg, hij is gehuwd met een voormalige Miss Curaçao, was er ambtenaar bij de Dienst Openbare Werken, werkte er bij een verzekeringsmaatschappij, was er bedrijfsleider in de horeca en tot slot adviseur werving en selectie in Willemstad. Toen hij net aantrad bij de PVV liet hij al weten hoe hij over de Antillen dacht, hij wilde 90 procent van de verschillende Nederlandse bijdragen aan de Antillen schrappen.

De Antillen hebben al jarenlang een torenhoge schuldenlast van meer dan 2 miljard euro. Het tekort op de eilandengroep komt voornamelijk door het enorme ambtenarenapparaat. Dit waterhoofd is ontstaan omdat Antilliaanse regeringen mensen vaak in dienst namen om ze te paaien voor de verkiezingen.

Het Nederlandse kabinet heeft voor 2008 2,2 miljard euro opzij gelegd om de schulden van de Nederlandse Antillen te verlichten. In ruil hiervoor wil Nederland zich flink gaan bemoeien op het gebied van rechtshandhaving en economisch toezicht.

Brinkman is het daar niet mee eens en wil de Antillen uit het koninkrijk. ‘De schuld van 2,2 miljard hoeven ze niet meer te betalen. En als bijkomend voordeel worden de corrupte Antilliaanse politici vanzelf minder corrupt omdat suikeroom Nederland wegvalt. Ze zullen dan sneller worden afgerekend door de eigen bevolking’, aldus Brinkman.

Op zich is Brinkman een prima vent maar nieuw in de politieke arena. Hij was een verdomd goed politiefunctionaris die er tijdens zijn werk geen doekjes omheen bond en menigmaal in ervaring kwam met de links-radicale beweging (krakers).
In de huidige toestand kiest hij jammer genoeg een te eenzijdige aanpak omdat hij de oorsprokelijke oorzaken van de door hem genoemde corruptie buiten schot laat.

De Nederlandse overheid heeft namelijk nooit – maar dan ook nooit – concrete, constructieve maatregelen genomen om de corruptie op de eilanden aan te pakken. Erger nog, dat kon men ook niet omdat Nederland zelf enorme boterbergen op zijn hoofd heeft.

Ten eerste zijn de toestanden op de Antillen het gevolg van meerjarige PvdA-overheersing en schijnheilige CDA-christelijkheid die vanuit een soort koloniaal syndroom alle corruptie binnen de Antilliaanse en Nederlandse gelederen onder het politieke tapijt hebben geveegd. Ten tweede stinkt de adem van de Nederlandse delegatie (politiek) naar rotte vis. De Nederlandse vertegenwoordigers kunnen niet oprecht met hun Antilliaanse collega’s onderhandelen omdat hun eigen huis een enorme janboel is. En … ook binnen hun eigen delegatie zat er een ‘smet op het vestje’. Maar daarover later meer, eerst even een klein voorbeeld janboel.

Dat bleek bijvoorbeeld op 1 januari 2007 toen er alleen al bij het ministerie van Buitenlandse Zaken 5,7 miljard euro zoek was (www.bvkb.nl). Daarnaast heerst er een enorme vriendjespolitiek en financiële ‘corruptie’ bij provincies en gemeenten (lees mijn boek ‘Sinistra. Politieke maffiosi op Haags, provinciaal en gemeentelijk niveau’ http://www.bruna.nl/boeken/9789059115255). Terwijl de Nederlandse delegatie in de Antillen is gaan deze toestanden onverminderd voort. Lees als voorbeeld de volgende berichten:

http://www.volkskrant.nl/binnenland/article492142.ece/Rekenkamer_Amsterdam-Zuidoost_stopt_ermee?service=Print

http://www.hetvrijevolk.com/?pagina=5118&titel=De_Amsterdamse_PvdA-beerputTot slot.

Het spreekwoord ‘de pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet’ gaat hier op. De Nederlandse politiek corrupte pot heeft de Antilliaanse ketel heeft doen volgen. Gezamenlijk lappen ze al jarenlang de fatsoensnormen aan hun laars en hebben lak aan de bevolking.
De Antillianen hoeven (nog) geen boetekleed aan te trekken en kunnen met een gerust hard het stelletje politieke Nederlandse elite met de neus op hun eigen schandalige feiten drukken.

OVER EN UIT
Wauw, op 8 januari 2008 blijkt dat het geplande overleg op de Antillen tussen Nederlandse Tweede Kamerleden en politici van de eilanden niet is doorgegaan.
Zo …, bedankt Hero Brinkman, nu is de Nederlandse delegatie weer waar ze wezen moet, kom op terug naar Nederland. Eerst eens orde in eigen huis scheppen om daarna terug te keren om met een schone bezem het Antilliaanse huis schoon te vegen.

DE BELEDIGERS BELEDIGD
Oh, oh, oh, wat zijn we beledigd. De Antilianen over de beledigingen van Hero Brinkman en de Nederlandse delegatie omdat Brinkman de toegang geweigerd is tot het Antilliaanse parlement.
Hoe durven ze, hoe halen die Antilanen het in hun hoofd? Nee neem dan de Nederlandse overheid die gaat met dit soort beledigingen anders om.

Oeps …., sorry, ik maak een foutje. Hoezo …? Nou heel simpel, wij gaan namelijk met dit soort beledigingen exact hetzelfde om!

Laten we even teruggaan naar september 2003 toen een boeking van vier ambtenaren uit Nederland in het luxueuze Antilliaanse hotel Kurá Hulanda werd afgezegd wegens beledigende uitingen door de hotel-eigenaar Jacob Gelt Dekker over de Nederlandse POK-delegatie en Nederlandse politiek in het algemeen.

Desgevraagd liet de vertegenwoordiging van Nederland in Willemstad, Mariëlle Capello, toen weten:
“Wij hebben vorige week één overnachting in Kurá Hulanda van een delegatie van vier ambtenaren uit Nederland afgezegd”. Dit had volgens Capello te maken met uitlatingen van Gelt Dekker in de media. “Hij is in interviews met Radio Paradise en TV11 langdurig en uitgebreid tekeer gegaan tegen politiek Den Haag. Behalve dat hij het bezoek van de fractievoorzitters een snoepreisje noemde, beweerde hij dat heel politiek Den Haag corrupt is”, aldus Capello. Naar aanleiding hiervan heeft vertegenwoordiger Onno Koerten aan Gelt Dekker laten weten dat hij zich ernstig heeft gestoord aan de uitlatingen omdat die grotendeels onjuist waren. “Bij wijze van protest hebben we toen die ene overnachting van de delegatie afgezegd”, aldus Capello.

Maar volgens Gelt Dekker bleef het niet bij die ene dag en had Capello het hotel laten weten dat Nederlandse bewindslieden in de toekomst niet meer in zijn hotel zouden worden ondergebracht.

En …, en.., Gelt Dekker wees ook nog even fijntjes op een akkefietje dat enkele maanden daarvoor had plaatsgevonden: de Leerdam-affaire.

Het betrof John Leerdam, een partijgenoot van de voormalige PvdA-voorzitter en huidige minister van Financiën, Wouter Bos. De media stond er vol van. Een commentator van de Weekkrant Suriname beschreef de PvdA- coryfee(ën) als volgt.

‘Maar wat zijn de alternatieven in Nederland? Als je de domme kiezer mag geloven, afgaande op de gemeenteraadsverkiezingen, Wouter Bos met zijn PvdA! Pardon!? Bos? Wouter de Boskabouter? Zijn die Hollanders dan net zo dom en onnadenkend als die yankees? Als het gaat om griezels in de politiek, lopen Bush en Bos hand in hand. En niet alleen vanwege hun naam!
Wie Bos van dichtbij heeft meegemaakt, weet wat ik bedoel. Naar buiten toe de joviale kerel met loszittende kleren aan zijn lijf. Maar van binnen een engerd, die slecht tegen zijn verlies kan. Nog los van het feit dat ik hem tussen al zijn kritiek op het huidige regeringsbeleid door, met geen stevig argument heb horen komen hoe het anders moet, is het gewoon een verwend irritant jongetje.
Vraag Bos bijvoorbeeld eens naar de onbetaalde hotelrekening van partijgenoot John Leerdam op Curaçao. Leerdam, van wie je met zijn Antilliaanse bloed niet anders kan verwachten dan dat hij de boel probeert te flessen, weigerde een paar jaar geleden zijn rekening te betalen voor zijn verblijf in Kurá Hulanda in Willemstad. Pas na tussenkomst van Kamervoorzitter Weisglass, Bos himself en dreigende taal van advocaat Gerard Spong, werd alsnog snel de schuld voldaan. Het akkefietje doet nog altijd het bloed van Bos koken. Niet richting Leerdam, maar richting de hoteleigenaar in kwestie die gewoon betaald wilde worden voor zijn diensten. En zo zijn er nog wel wat incidentjes rond de PvdA-coryfeeën waar je vraagtekens bij kunt zetten.’

Het hele commentaar is te vinden op: http://www.surined.nl/index.php?option=com_content&task=view&id=1341&Itemid=32

Tja, en bijna vanzelfsprekend had de afzegging van de overnachting van de ambtelijke delegatie volgens de vertegenwoordiging van Nederland in Willemstad, Mariëlle Capello, niets te maken met de affaire-Leerdam. ‘Wij wisten daar niets van. Dat kwam pas daarna in de publiciteit. Bovendien zijn wij de vertegenwoordiging van de Nederlandse regering en niet van het parlement. Wij hebben gereageerd omdat Gelt Dekker heel politiek Den Haag als zijnde corrupt over een kam scheerde’, aldus Capello.

SMET OP HET VESTJE
Tijdens het hele geroezemoes rondom het recente POK-overleg vroeg ik me af hoe de Nederlandse delegatie gereageerd zou hebben indien de Antilliaanse politici fijntjes naar de affaire-Leerdam hadden verwezen. Maar helaas, dat gebeurde niet, de Antillianen gedroegen zich politiek correct. Mogelijk had dit gedrag te maken met het feit dat John Leerdam een Antilliaanse Nederlander is en als collega van Brinkman deel uitmaakte van de Nederlandse delegatie.

Een ‘oorlogs’misdadiger als nieuwe president van Zuid-Afrika?

December 17th, 2007

Afgelopen zondag is in Zuid-Afrika een voor het land enorm belangrijk congres begonnen. Ruim vierduizend afgevaardigden van de oppermachtige regeringspartij ANC zijn in het noorden op de Universiteit van Limpopo bij de stad Polokwane bijeen om, onder meer, een nieuwe president te kiezen. De twee belangrijkste kanshebbers zijn de huidige president Thabo Mbeki en de misdadiger Jacob Zuma.

Wie zal het worden? Morgen of overmorgen zullen we het weten.
Het zal er om spannen, nog nooit in zijn 95-jarige geschiedenis is het ANC zo verdeeld geweest.

Onder de huidige president Mbeki heeft het land een ononderbroken groei doorgemaakt. Naar verwachting in 2007 opnieuw met 5%. Leefde in 2001 nog 51,4 procent van de Zuid-Afrikanen onder de armoedegrens, in 2006 was dat percentage gedaald tot 43,2 procent. Desondanks krijgt Mbeki het verwijt dat het wegwerken van de economische achterstanden niet snel genoeg gaat. De belangrijkste sfeermakers tegen Mbeki zijn de jarenlang door Nederland ondersteunde vakbeweging Cosatu en de jeugd- en vrouwenliga’s van het ANC, invloedrijke organisaties die Zuma steunen. Als Zuma tot ANC-president wordt verkozen is hij de komende vijf jaar de machtigste man van het land. Gezien de invloed van het ANC wordt hij dan zo goed als zeker ook president van Zuid-Afrika bij de landelijke verkiezingen in 2009.

Voor velen een huiveringwekkend scenario. Zij vinden Zuma corrupt en volgens hen schuwt hij geen enkel middel om zijn doel te behalen. Wie de media heeft gevolgd heeft kunnen lezen dat Zuma een aantal malen terecht heeft gestaan. In 2005 werd hij aangeklaagd voor de verkrachting van de met HIV besmette Fezeka Kuzwayo, een dochter van zijn overleden vriend. Aan de rechter gaf Zuma toe sex met haar te hebben gehad, wetend dat ze besmet was met HIV. Welke kwaliteiten de man heeft blijkt uit een van zijn uitspraken voor de rechter. Om besmetting tegen te gaan gebruikte hij geen condoom maar ‘een warme douche’, aldus Zuma. Uiteindelijk ging Zuma vrijuit maar voor het slachtoffer zag het er anders uit. Na haar aanklacht werd zij dermate zwaar bedreigd dat zij en haar moeder Zuid-Afrika ontvluchtte en met hulp van het Nederlandse Aids Fonds in Nederland politiek asiel vroeg en kreeg.

In 2004 was Zuma betrokken bij een omvangrijk corruptieschandaal. Hij werd aangeklaagd omdat hij 500 duizend rand smeergeld zou hebben aangenomen, alles in ruil voor bemiddeling bij grote wapenorders. Inmiddels is bekend geworden – en zijn er bewijzen – dat het om 4,07 miljoen rand (400 duizend euro) ging. Zijn financieel adviseur werd tot 15 jaar celstraf veroordeeld omdat hij steekpenningen voor Zuma had geregeld. Algemeen werd verwacht dat een veroordeling van zijn adviseur onvermijdelijk zou leiden tot een veroordeling van Zuma. Maar de praktijk was anders, Zuma werd vrijgesproken.

In de aanloop naar het huidige partijcongres waren deze schandalen weer volop in het nieuws. Maar zéér opmerkelijk is dat bijna de gehele internationale media zweeg – en nog steeds zwijgt – over een vele malen grotere schandvlek uit Zuma’s verleden. Zelfs in biografieën over Zuma op bekende internetsites als Wikipedia is er geen woord over te lezen. Namelijk over zijn directe en indirecte verantwoordelijkheid voor het martelen en executeren van gevangen. Nota bene mensen uit zijn eigen gelederen. Misdaden die plaatsvonden in de kampen van de gewapende tak van het ANC, in landen als Angola, Tanzania, Uganda of Zambia.
In de oorlog tegen het voormalige apartheidsregiem werd Zuma in 1987 benoemd tot hoofd van de contra inlichtingendienst van het ANC. Hij was verantwoordelijk voor het opsporen van spionnen of vijandelijke agenten binnen de organisatie. Daarbij werd geen enkel middel geschuwd om inlichtingen te verzamelen (reeds eerder heb ik een aantal methoden daarvan beschreven*). Gevangen werden overgoten met kokend water, opgesloten in metalen containers die vervolgens in de brandende zon werden gezet, mishandeld met stukken gesmolten plastic en bij één gevangen werden zelfs spijkers in het hoofd geslagen.

Alhoewel deze ‘oorlogs’misdaden al jaren in binnen en buitenland bekend waren kwam de grote ophef pas nadat op 13 januari 1993 een rapport verscheen van de Douglas Commissie. De Commissie noemde Zuma als een van ANC leiders die verantwoordelijk was voor het martelen en executeren van gevangen. Daarna volgden er nog vele onderzoeken en getuigenverklaringen en werd Zuma herhaaldelijk – ook in allerhande dagbladen – als medeplichtige genoemd. Maar binnen enkele maanden verdween zijn naam in dit verband al weer snel uit de media.

Terug naar de huidige toestand.
Tijdens het congres overstemden de Zuma-aanhangers de overige ANC-leden. Massaal zongen ze Zuma’s lijflied: ‘Awulethe Umshini Wami’, geef me mijn mitrailleur terug. Het lied verwijst naar Zuma’s verleden bij de gewapende tak van het ANC. Deze man dreigt Mbeki van de troon te stoten. Zijn opmars zorgt voor de nodige onrust op de internationale markten. Buitenlandse investeerders zijn bang voor hem. Anderen menen dat het politieke klimaat dreigt af te glijden naar een stammenstrijd tussen Zulu en Xhosa. Ook voor de blanke Zuidafrikaner ziet de toekomst er somber uit. Met Zuma aan de macht is de tijd zo goed als rijp voor Zimbabwaanse toestanden.

Aartsbisschop Tutu waarschuwde deze week nog dat Zuid-Afrika geen leider moet kiezen “voor wie we ons moeten schamen”. Tutu weet waarover hij spreekt want in 1990 werd hij uitvoerig geïnformeerd door zeven ANC-slachtoffers uit de kampen.

‘Ik zeg al twee maanden dat geen van deze twee kandidaten onze partij zou moeten leiden’, aldus Pallo Jordan, minister van Kunst en Cultuur. ‘We hebben een leider van een nieuwe generatie nodig.’ Jordan was zelf een slachtoffer van de kampen en werd zonder argumentatie zes weken opgesloten.

Peter Siebelt. Loosdrecht, 17 december 2007.

* http://www.hetvrijevolk.com/index.php?pagina=4303&titel=Jan_Pronk%3A_mensenrechtenactivist_of_%91oorlogsmisdadiger%92

Bronnen:
-Diverse Zuifafrikaanse, internationale en nationale media waaronder de Volkskrant, NRC-Handelsblad, Trouw uit de periode 1989-2007.
-TWALE, M., E.A. Mbokodo. Inside MK: Mwezi Twala-A soldier’s story. Johannesburg [Jon. Ball Publ.], 1994, 160 pp.
-Stephen Ellis, MBOKODO: Security in ANC Camps, 1961-1990. African Affairs (1994) 93,279-298. Pagina 291, 297.
-http://www.niza.nl/docs/200612211510525365.pdf?&username=guest@niza.nl&password=9999&groups=NIZA&workgroup=
-http://www.mg.co.za/articlePage.aspx?area=/zuma_report/zuma_insight/&articleid=267293

Alvast een vrolijk kerstfeest en een goed uiteinde.

December 10th, 2007

Waarde lezers,

Hierbij een klein lichtpuntje voor de komende feestdagen waarbij ik de hoop uitspreek dat we in de toekomst in harmonie kunnen samenleven en dat het Vrije Woord in al zijn glorie hersteld zal worden.

Lees: http://www.muziekwereld.com/rec-yasmin_levy.1.htm

Luister: http://cgi.omroep.nl/cgi-bin/streams?/nps/output/nsjf2007/concert_yasminlevy.wma

Vooral het lied Jeruzalaim spreekt me aan, mede omdat ik dit lied -gezongen door een ex-vriendin – vele malen in spannende tijden* heb mogen beluisteren.

Alvast een vrolijk kersfeest en een goed uiteinde,

Peter Siebelt

December 2007.

* Een artikel uit april 2004 in het blad Christenen voor Israël.

Terrorismedeskundige Peter Siebelt over de financiering van terreur

In de jaren zestig beveiligde hij de Joodse gemeenschap in Amsterdam. Tegenwoordig doet hij onderzoek naar het internationale terrorisme. Peter Siebelt (58) is de best gedocumenteerde terrorismedeskundige van Nederland. Deze vriend van Israël doet een boekje open over het netwerk achter de PLO, de antizionisten binnen de kerken en de jonge jaren van Gretta Duisenberg. ‘Zonder de linkse Joden had de PLO weinig kans van overleven gehad.’

Siebelt en de Joden, het is een relatie die teruggaat tot de tweede helft van de jaren zestig. In die periode regelt hij de bewaking in een Joodse volksclub in Amsterdam, die wordt gerund door een ex-officier uit het Israëlische leger. Het is de tijd dat de Joodse gemeenschap in Nederland wordt opgeschrikt door een serie bombrieven. Siebelt houdt bij de deur van de club een oogje in het zeil. ‘Als er agressieve Arabieren binnenkwamen,’ zegt de joviale Limburger in zijn Loosdrechtse kantoor, ‘dan hielp ik ze met uh “zachte dwang” naar buiten.’ Er traden Israëlische zangers op zoals Motke Dagan en Miriam Zairi. ‘Prachtige muziek!’ roept Siebelt, die in deze periode zijn liefde opvatte voor de Joodse staat. In de woorden van de onderzoeker: ‘dat kleine landje, dat als een soort westerse enclave binnen de Arabische wereld probeert te overleven’. Zowel voor- als tegenstanders van Israël passeerden de gespierde beveiligingsman om iets te drinken in het Joodse etablissement. ‘Waarbij ik moet aantekenen dat beide categorieën bestonden uit Joden,’ aldus Siebelt. ‘Helaas zijn juist veel Joden betrokken bij de strijd tegen de Joodse staat.’ In de jaren zestig ziet Siebelt ook hoe demonstranten in Amsterdam de Amerikaanse vlag verbranden. ‘Ik was verbijsterd. Mijn Amerikaanse vader was een van de bevrijders van ons land.’ Zijn boosheid over het anti-Amerikanisme brengt de beveiliger ertoe onderzoek te gaan doen naar de wortels van deze haat. Zo ontwikkelt Siebelt zich tot een vooraanstaand terrorismedeskundige, die regelmatig door journalisten wordt geraadpleegd. Zelf geeft hij zijn eigen nieuwsbrief uit, waarin wetenswaardigheden staan die je niet in de reguliere pers zult terugvinden. Ook heeft Siebelt twee boeken gepubliceerd. Het eerste, Eco Nostra, gaat over de moord op Pim Fortuyn. Het tweede is de levensbeschrijving van het pro-Palestijnse Tweede-Kamerlid Wijnand Duyvendak (GroenLinks).

Grote rol

Door zijn diepgaand onderzoek kwam Siebelt in de loop van de jaren zeventig tot de conclusie dat de communisten een grote rol speelden in de anti-Amerikaanse agitatie. ‘De Russische en Oost-Duitse geheime diensten waren de boel aan het opstoken. De groeperingen die acties tegen Amerika voerden, begonnen in dezelfde periode haat te zaaien tegen Israël. Palestijnse terroristen werden getraind en gefinancierd door het Oostblok. Zionisme werd gelijk gesteld aan imperialisme. En via diverse pressiegroepen in de westerse landen vonden deze ideeën hun weg in steeds bredere kring.’ Met name wijst Siebelt naar het Institute of Policy Studies (IPS) in Washington, een extreem-linkse denktank, waar ook Nederlandse PvdA-politici bij zijn of waren betrokken. ‘In dit netwerk kwam Gretta Duisenberg terecht. Ze werd een goede vriendin van de Palestijnse intellectueel Edward Said. Deze professor staat op film terwijl hij stenen gooit naar Joodse nederzettingen. En Mushtaq Malik, de grootste Pakistaanse drugsleverancier in Nederland, zocht haar naar eigen zeggen regelmatig op in haar woning.’ De tentakels van het IPS reiken ver. In de lente van 1985 legt de Amerikaanse senator John Kerry – de huidige presidentskandidaat voor de Democraten – een bezoek af aan het marxistische Nicaragua. Zijn reis is georganiseerd door het IPS. Siebelt maakt zich zorgen over de populariteit van Kerry. ‘Het ziet er niet goed uit voor de wereld wanneer Kerry wordt verkozen – en zeker niet voor Israël. Gezien de achterban die hem steunt, moet hij als president wel grote concessies gaan doen aan de Palestijnen.’ Hij voegt eraan toe: ‘De belangrijkste leden van het IPS hebben een Joodse achtergrond. Zonder de linkse Joden had de PLO weinig kans van overleven gehad.’

Schoeneninzameling

Volgens Siebelt spelen ook veel kerken een belangrijke rol in het IPS-netwerk. ‘In de periode voor de intifada steunde de Wereldraad van Kerken, waarin Nederlanders een invloedrijke spelen, organisaties die onrust zaaiden en haat kweekten in de Palestijnse gebieden; deze clubs waren machtscentra van de PLO.’ Onder invloed van de door Siebelt genoemde manipulators neemt de sympathie voor Israël binnen de kerken met de dag af. Wat kunnen christenen volgens de onderzoeker doen om het tij te keren? Siebelt: ‘Wanneer er weer eens geld wordt opgehaald voor zielige Palestijnse kindjes, stel dan een paar kritische vragen. Welke organisatie organiseert de collecte? Bij welke organisatie in de gebieden komt het geld terecht? Gaat het om organisaties die zich enkel inzetten voor gezondheidszorg of armoedebestrijding, dan is er niks aan de hand. Maar gaat het om actievoerders die hun organisaties gebruiken om te strijden tegen de Joodse staat, dan moet er onmiddellijk protest worden aangetekend. Ook is het belangrijk dat christenen met een hart voor Israël elkaar waarschuwen voor kwalijke praktijken.’ Uit een mapje haalt hij een strooibiljet. De tekst luidt: ‘De stichting Vrede Hulp Midden-Oosten organiseert in uw gemeente een grote kleding- en schoeneninzamelingsactie. De opbrengst van deze actie zal gebruikt worden ter ondersteuning van projecten gericht op de behoeften van arme mensen.’ Siebelt: ‘Klinkt allemaal heel mooi, nietwaar? Wie wil nu niet arme mensen helpen? Maar uit onderzoek bleek dat het ging om een actie van de Palestijn Ibrahim Al-Baz, een vroegere explosievensmokkelaar voor de PLO, en zijn maat dominee Visser. Maar dat konden de christelijke gezinnen in het plattelandsdorpje waar deze oproep werd verspreid niet weten.’ Siebelt besluit zijn verhaal met een laatste waarschuwing. ‘Denk nu ook niet dat zogeheten “goede doelen” die van de overheid uitgaan, altijd zo kosjer zijn. Juist de Nederlandse overheid is een belangrijke financier van Arafat, die nog steeds terroristen onder zijn vleugels heeft.’