Omstreden?
Geschreven door Peter Siebelt   
dinsdag 25 maart 2008 00:00

Onder de kop Limbo’s gaan Wilders kapot maken meldt nieuwsnieuws.nl dat negen prominente Limburgers aangifte hebben gedaan tegen Geert Wilders. Zij vinden dat hij moet worden vervolgd wegens haatzaaien tegen moslims en wijzen erop dat Hans Janmaat werd veroordeeld voor veel mildere uitspraken. In de aangifte wordt verwezen naar enkele omstreden uitspraken van Wilders. Wie of wat is hier omstreden?! Wilders of Theo van Boven?!
Nieuwsnieuws.nl schrijft het volgende:Negen prominente Limburgers hebben aangifte gedaan tegen PVV-leider Geert Wilders. Zij vinden dat Wilders vervolgd moet worden voor haatzaaien tegen moslims en beweren dat de inmiddels overleden leider van de centrumpartij, Hans Janmaat, is veroordeeld voor veel mildere uitspraken.Dit meld dagblad De Limburger.


Tot de groep behoort onder meer emeritus-hoogleraar internationaal recht Theo van Boven. In de aangifte wordt een aantal omstreden uitspraken van Wilders opgesomd.Omstreden uitspraken? Wie of wat is hier omstreden?! Wilders of Theo van Boven?!

In maart 2004 stuurde ik het navolgende bericht aan Theo van Boven.

To: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Sent: Saturday, March 06, 2004 12:58 PM
Subject: ‘Misdaden tegen de menselijkheid

Loosdrecht 6 maart 2004

Geachte Professor Van Boven,

Mijn naam is Peter Siebelt. Ik ben onderzoeksjournalist en schrijver van een aantal boeken.

Momenteel ben ik bezig met een historisch onderzoek naar de martelpraktijken van dictatoriale regimes. Ik hoop dit onderzoek binnen veertien dagen af te sluiten.

In dit kader zou ik u graag enkele vragen stellen omdat u een van de meest uitgesproken personen bent die zich reeds jaren sterk maakt om deze misdadige praktijken aan de kaak te stellen. Bijvoorbeeld bij prominente figuren als Milosevic, Videla en Zorreguieta.

Tijdens mijn onderzoek heb ik uw carrière vanaf 1977 tot heden bestudeerd. Ik ben onder de indruk van uw grote inzet.

Ik onderzoek momenteel nog een viertal zaken van martel(moord)praktijken door: het Namibische Swapo in Namibië gedurende de jaren 1979-1991; het Zuid-Afrikaanse ANC gedurende 1979-1993; het ‘All Burma Students Democratic Front’ (ABSDF) in het voorjaar van 1991; en de Filippijnse National People’s Army gedurende de jaren 1980-1990.

Kunt u mij zeggen waar ik de door u gepleegde commentaren op of acties naar aanleiding van deze mensenrechtenschendingen zou kunnen vinden of verkrijgen?

Bij voorbaat dank voor uw medewerking.

Hoogachtend,

P.J.W. Siebelt

To: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Sent: Thursday, March 18, 2004 11:21 AM
Subject: Re: Misdaden tegen de menselijkheid

Loosdrecht, 18 maart 2004

Geachte Professor Van Boven,

Tot op heden heb ik nog geen antwoord mogen ontvangen op mijn vragen van 6 maart j.l.

Komend weekend sluit ik mijn onderzoek af en ik ga ervan uit dat u aan mij geen reactie wilt (kunt) geven op de door mij gestelde vragen. Ik zal het dus moeten doen met de gegevens die tot mijn beschikking staan en ga ervan uit dat er geen openbare publicaties van u zijn waarin u uw afschuw uitspreekt over de mensenrechtenschendingen door: het Namibische Swapo in Namibië gedurende de jaren 1979-1991; het Zuid-Afrikaanse ANC gedurende 1979-1993; het ‘All Burma Students Democratic Front’ (ABSDF) in het voorjaar van 1991; en de Filippijnse National People’s Army gedurende de jaren 1980-1990.

Uw publieke afwezigheid in dit verband is hoogst opmerkelijk. Ik zal hier zeker op terugkomen na afsluiting van mijn huidige onderzoek.

Hoogachtend,

P.J.W. Siebelt

———————————————————————————————-

De onderzoeksresultaten zijn opgenomen in mijn boek Mabel. ‘Koninklijk’ Bal Masqué (2004). Enkele fragmenten (pagina 147-151).

AAN ÉÉN OOG BLIND

Een van de meest vooraanstaande internationale mensenrechtenactivisten is professor Theo van Boven, die in het comité van aanbeveling van Mabels Press Now zit. Deze hoogleraar internationaal recht is in belangrijke mate betrokken bij dezelfde lobbyactiviteiten als Mabel en Sacirbey, bijvoorbeeld voor het Joegoslavië-Tribunaal en het Internationaal Strafhof in Den Haag.

Momenteel is hij speciale VN-rapporteur inzake martelingen.

Van Boven maakt sinds het begin van de jaren zestig deel uit van het internationale netwerk van linkse activisten. Hij behoort tot de PvdA-gelederen, maar werkt ook nauw samen met GroenLinks en de SP.

Van 1967 tot 1977 bekleedt hij de eerste Nederlandse leerstoel op het gebied van de rechten van de mens aan de Universiteit van Amsterdam. In de jaren zestig is hij nauw betrokken bij de opstelling van het VN-verdrag tegen rassendiscriminatie.

Tussen 1970 en 1975 is hij de Nederlandse vertegenwoordiger in de VN-afdeling voor mensenrechten. In 1977 wordt Van Boven voorzitter van de Commissie Mensenrechten van de Verenigde Naties in Genève. Over de jaren speelt hij een rol in talloze linkse organisaties.

De Amerikanen beschouwen hem lange tijd als een verkapte communist die heult met de belangen van de toenmalige Oostbloklanden. In een terugblik weigert Van Boven duidelijk afstand te nemen van het communisme: ‘In de tijd van de koude oorlog was het communisme het ultieme kwaad en werd alles ondergeschikt gemaakt aan het bestrijden van dat kwaad. Mensenrechten waren daaraan ondergeschikt. Nu groeit een soortgelijke ontwikkeling, waarbij de grote boeman de terrorist is en de strijd tegen terrorisme alles gaat overheersen,’ aldus Van Boven.

In 1982 wordt zijn voorzittersfunctie hem ontnomen door toedoen van enkele Latijns-Amerikaanse landen en de Verenigde Staten. Deze beschuldigen hem ervan dat hij terroristen en andere extremisten in dienst heeft. Dit slaat vooral op zijn niet-aflatende betrokkenheid bij allerhande radicale actiegroepen.

Toch wordt hij in 1982 benoemd tot hoogleraar internationaal recht aan de Universiteit van Maastricht (toen nog: Rijksuniversiteit Limburg).

Van Boven gaat op selectieve wijze om met mensenrechtenschendingen. De Birmese guerrilla’s van het All Burma Student’s Democratic Front (ABSDF) martelen in het voorjaar van 1992 zo’n dertig krijgsgevangenen om hen vervolgens te executeren. Onder normale omstandigheden staat Van Boven vooraan om in de media zijn afschuw over zulk soort wreedheden kenbaar te maken. Maar wat doet hij in dit geval? Van Boven verklaart dat hij bereid is om het ABSDF in het vervolg bij te staan in penibele situaties.

Dezelfde eenzijdige houding zien we wanneer bekend wordt dat in de concentratiekampen van het Zuid-Afrikaanse ANC en de Namibische Swapo andersdenkenden zijn gemarteld en vermoord. Hij zwijgt niet alleen over deze mensenrechtenschendingen, maar is zelfs persoonlijk betrokken bij de guerrillaorganisaties achter deze afschuwelijke daden. Immers, hij is lid van de Raad van Commissarissen van het International Defence and Aid Fund for Southern Africa. Dit fonds sluist in de jaren zeventig, tachtig en negentig geheime fondsen naar de Swapo en het ANC in Zuidelijk Afrika.

Van Boven is evenmin kieskeurig in zijn methodiek als het om geld gaat. In januari 1995 ondersteunt de hoogleraar een drietal projecten bij de Europese Commissie. Hij tracht te voorkomen dat organisaties die niet tot zijn netwerk behoren ook kunnen meedelen in de EC-subsidie en verspreidt er negatieve berichten over. Pikant detail is dat een van deze concurrenten de mensenrechtenorganisatie IGFM uit Frankfurt is. Met haar had Van Boven nog een appeltje te schillen. IGFM had het namelijk wél gewaagd om de mensenrechtenschendingen van de Swapo en het ANC aan de kaak te stellen.

Toch durft Van Boven in 1993 in de media te verschijnen en als VN-rapporteur schadevergoeding te eisen voor slachtoffers van ernstige mensenrechtenschendingen.

‘Langzamerhand moet in de geesten van de mensen de gedachte rijp worden gemaakt dat schendingen van mensenrechten niet weggemoffeld moeten worden,’ zegt hij ernstig. Maar hoe zit het dan met schadevergoeding door organisaties als de Swapo en het ANC?

Daar is hij naar eigen zeggen niet goed uitgekomen. ‘Ergens schrijf ik wel dat het allemaal ook van toepassing is op groepen die niet de effectieve macht hebben, maar het probleem is dat deze eenheden niet zijn aan te spreken. (…) Ik heb voor hun slachtoffers geen oplossing.’

En dat zegt de man wiens organisatie miljoenen heeft doorgesluisd naar een aantal van deze groeperingen.

In januari 1992 wordt de mensenrechtendeskundige op voordracht van Buitenlandse Zaken gekozen in de VN-commissie tegen rassendiscriminatie.

Andere kandidaten maakten geen kans. Net als Mabel en Sacirbey kan Van Boven geen kwaad doen bij Buitenlandse Zaken. Al sinds Den Uyl voeren de progressieven daar de boventoon. Sinds 1960 is Van Boven betrokken bij hun werkzaamheden, eerst bij de Directie Internationale Organisatie en later bij de Adviescommissie Mensenrechten, een belangrijk adviesorgaan voor de Nederlandse regering. Wanneer Pim Fortuyn wordt vermoord en in Nederland de discussie losbarst over de vrijheid van meningsuiting staat Van Boven vooraan om te verkondigen: ‘De mensen die roepen dat Pim Fortuyn vermoord is omdat hij zei wat hij dacht, misbruiken een van de rechten van de mens. Zij beweren ten onrechte dat door de moord op Fortuyn de vrijheid van meningsuiting in Nederland in het geding is gekomen. Dat is echt onzin.’

Joegoslavië

In 1988 is de mensenrechtenactivist de Nederlandse delegatieleider tijdens een conferentie in Rome die de oprichting van het Internationaal Strafhof moet voorbereiden. Door middel van dit strafhof willen de VN mensenrechtenschendingen over de hele wereld aanpakken. Op zich is dit een nobele gedachte, maar Theo van Boven lijkt zelf al aan te geven dat zulk een orgaan wordt misbruikt voor politieke doeleinden. ‘Aanvankelijk waren aanklachten tegen schendingen van mensenrechten heel selectief,’ geeft Van Boven toe, ‘er was alleen politieke ruimte om Zuid-Afrika en Israël te veroordelen, en Chili misschien. (…)’

Van Boven is ook betrokken bij de oprichting van het Joegoslavië-Tribunaal in 1993. Deze rechtbank wordt op initiatief van de VN-Veiligheidsraad opgericht met als taak de berechting van de oorlogsmisdadigers die vanaf 1991 in het vroegere Joegoslavië hebben huisgehouden. Ook Sacirbey is voorstander van deze rechtbank, maar hij merkt wel op: ‘Het ligt eraan wie de aanklager is. (…)’

In de functie van griffier is Theo van Boven een van de eerste medewerkers van het tribunaal. Tijdens de eerste rechtszaak wordt de rechtbank ernstig in verlegenheid gebracht. Dat gebeurt tijdens de zaak tegen Dusko Tadic. Het tribunaal wordt geconfronteerd met ernstige manipulaties door de Bosnische regering. De door Sarajevo geleverde kroongetuige Opacic blijkt een valse getuige te zijn. Opacic bekent zijn leugens en vertelt dat de Bosniërs hem onder bedreiging met de dood gedwongen hebben om valse verklaringen af te leggen. Het tribunaal stuurt Opacic terug naar Bosnië zonder hem wegens meineed aan te klagen en weigert nadere mededelingen te doen.

Overigens levert Van Boven nog altijd hand- en spandiensten voor het netwerk van Mient Jan Faber. Hij steunt Stari Most, een groep die ageert tegen het uitzetten van Bosnische vluchtelingen. Vluchtelingen waarvan een aantal door het netwerk van Faber met bussen naar Nederland is gehaald. Van Boven verklaart in een steunbetuiging aan Stari Most dat het de dure morele plicht van de Nederlanders is deze mensen, onder wie een aantal uit Srebrenica, in onze samenleving op te nemen.

Verrukt
Van Boven roert zich stevig in de discussie over de (toen nog onduidelijke) huwelijksplannen van Willem-Alexander en Máxima. Dat doet hij samen met twee andere Maastrichtse juristen, Tak en Grünfeld. Over Jorge Zorreguieta heeft hij te melden: ‘Deze man is veel te verwijten, hij zat in een misdadig regime.’

Van Boven is nogal trots op deze ‘prestatie’. ‘Misschien heeft het er iets mee te maken dat we hier [in Maastricht] geen connecties met het establishment hebben. Leiden en Utrecht hebben banden met het Koninklijk Huis. Dus ja, Maastricht onderscheidt zich; laten we ons maar eens een veer op de hoed zetten.’

Na heel veel kabaal in de media besluit het kabinet-Kok dat Zorreguieta niet naar het huwelijk van zijn dochter mag komen. De mensenrechtenactivist reageert verrukt. ‘De acute pijn is weg, nu Zorreguieta niet komt. Mijn voorkeur zou het zijn dat Willem-Alexander zonder parlementaire goedkeuring trouwt met Máxima, en dan inderdaad geen koning wordt. (…)’

Vader Zorreguieta is wat hem betreft absoluut niet welkom bij welke festiviteit dan ook. ‘Ik ben dus blij dat hij niet komt met de trouwerij; ik ben niet blij met de opvattingen die hij heeft geventileerd. En de man blijft in de buurt, hij is straks geparenteerd aan het koninklijk huis. Deze donkerbruine schaduw zal zich steeds weer manifesteren.’ De koonprins en Máxima zijn nog niet van hem af, want Van Boven waarschuwt: ‘Wat gebeurt er met de kroning, met de doop van mogelijke kinderen? Dat moeten we kritisch blijven volgen.’

Over Mabel houdt hij wijselijk zijn mond. Ook wanneer ze in verband wordt gebracht met wapens.

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

  • Slideshow
  • Slideshow
  • Slideshow
  • Slideshow
  • Slideshow
  • Slideshow
  • Slideshow